Horizontaal |
| 2. | Deze motiverende factor heeft te maken met voortplantingsgedrag |
| 3. | De rangorde bij kippen |
| 4. | Reactie van een dier op een prikkel |
| 7. | Een mannelijke bij |
| 9. | Lijst met objectief beschreven handelingen van een dier |
| 10. | Een prikkel die sterker gedrag veroorzaakt dan een sleutelprikkel noemt men een .................. prikkel |
| 11. | Een prikkel die een doorslaggevende rol speelt bij het veroorzaken van bepaald gedrag |
| 13. | Gedrag dat vooraf gaat aan de paring |
| 15. | Het gebied rond een nestplaats |
| 16. | Gedrag dat ontstaat als de motivatie voor twee tegenstrijdige gedragingen (aanvallen of vluchten) even sterk is |
| 17. | Gedrag dat een dier vertoont als zijn of haar territorium wordt binnengedrongen |
| 18. | Gedrag van soortgenoten ten opzichte van elkaar noemt men ................. gedrag |
| 19. | In een ................... leidt de ene handeling tot een volgende handeling |
| 20. | Gedrag komt tot stand door de werking van spieren en ............ |