Puzzel "VMBO Erfelijkheid"
Horizontaal |
| 1. | Het ...................... gen komt alleen tot uiting in het fenotype als er geen dominant gen aanwezig is | | 3. | Chromosomen liggen in de ................. van een cel | | 6. | Een .............. bevat alleen een X of Y-chromosoom | | 8. | Groep van ongeremde en snel delende cellen | | 10. | Hoe een eigenschap tot uiting komt | | 11. | Deel van een chromosoom dat de info bevat van 1 erfelijke eigenschap | | 13. | Uitzaaiing van een tumor | | 14. | Verzamelnaam voor technieken waarbij levende organismen worden gebruikt om allerlei producten te maken | | 15. | Het genotype van een organisme ligt vast op het moment van .............. | | 17. | Iemand met genotype AA is homozygoot .................. | | 18. | Als het genenpaar voor een eigenschap bestaat uit 2 gelijke genen ben je .......................... | | 19. | Manier van ongeslachtelijke voortplanting | | 20. | Vorm van prenatale diagnostiek | | 21. | Het fenotype van een organisme komt tot stand door het genotype en door invloeden van het ............... | | 22. | Vorm van kanker waarbij teveel witte bloedcellen aangemaakt worden |
|
Verticaal |
| 2. | Belangrijke oorzaak van mutaties | | 4. | Kerndeling | | 5. | Vorm van prenatale diagnostiek | | 7. | De meeste mutaties vinden ............... plaats | | 9. | Een plotselinge verandering van het genotype | | 10. | Afkorting voor de eerste generatie nakomelingen | | 12. | Methode waarbij door kruisingen en selectie nieuwe nakomelingen verkregen worden met gunstige eigenschappen | | 13. | Invloeden die mutaties kunnen opwekken noemt men .............. | | 16. | Informatie die in je DNA (genen) staat |
|